In navolging van Aartswoud N3, was het vrijdag de beurt aan het 1ste NHSB team om het kampioenschap binnen te slepen. Op papier zou je zeggen: goed te doen. We zouden aan 3-3 genoeg hebben en bovendien is de gemiddelde rating van Aartswoud 80 punten hoger dan die van Aris de Heer. Je zou dus zeggen dat het niet heel spannend zou hoeven te worden. Als 6 remises al goed genoeg is…
Halverwege de avond leek het dan ook totaal niet spannend te worden. Nee, het leek er op dat het een heel soepele overwinning zou gaan worden. Maar niet voor ons!
Het begon bij de teamcaptain, die op bord 1 mocht aantreden tegen de sterke Thomas Broek. Hij is niet meer de topper die hij tot een aantal jaar geleden was, maar is toch nog steeds een hele goede schaker. David koos het scherpe Tweepaardenspel in het Italiaans. Thomas speelde de kritieke variant met Pg5 waarbij zwart wordt gedwongen om een pion te offeren, en vervolgde met het agressieve Df3.
Nu moet je met zwart wel assertief spelen, en nog een tweede pion in de strijd gooien. Daar krijg je dan voldoende compensatie voor, een interessante variant. David durfde echter niet de tweede pion te geven, en verdedigde passief zijn c-pion. Hij kreeg niet de gedroomde compensatie en dus wist Thomas af te wikkelen naar een ongelijk loper eindspel met twee pionnen meer. Met de ongelijke lopers kun je nog hopen op een vesting, maar met nauwkeurig spel wist Thomas het volle punt binnen te slepen.
Intussen was Marc al naar me toegekomen “ik had het nog berekend… ik dacht ik win een pion, maar ik verlies gewoon een stuk!” Oei… ook op bord 2 leken we tegen een nederlaag aan te kijken.
Een klein lichtpuntje was er op bord 6. Wouter had in de opening een pionnetje weten te snoepen op b7, en de zwartspeler leek onvoldoende compensatie daarvoor terug te krijgen. Daar de stelling ook vrij rustig en gesloten was, had ik er wel vertrouwen in de Wouter zijn voordeel langzaam uit zou kunnen bouwen tot een overwinning. Dat was dan weer een opsteker.
Lukas had een hele vreemde Konings-Indisch waar ik weinig van snapte. Helaas kwam even later ook Lukas naar me toe met “uhh.. ja ik heb ook een stuk geblunderd”. Eerlijk gezegd dacht ik op dat moment wel dat onze kansen op het kampioenschap waren vervlogen. David stond verloren, Marc stond verloren en nu stond ook Lukas verloren. Dat is al 0-3…
Maar toen begon Marc met toveren. Een Aartswouder zei eens “als je Marc hebt neergeknuppeld moet je hem nog minstens twee keer neerknuppelen”. Marc geeft gewoon niet op en zal altijd de chaos opzoeken. Zo ook tegen zijn naamgenoot Marc Holla. Helder speelde zijn e- en f-pionnen richting f6 en wist daarmee zijn tegenstander toch wel onder druk te zetten. De gevaarlijke f pion werd afgeruild, maar daardoor bleef Holla wel zitten met verzwakte zwarte velden. De stelling was nog steeds compleet verloren, maar zo was Helder’s loper toch nog enigszins compensatie voor het gevallen stuk.
Inmiddels zal Pascal wel zijn eerste remise aanbod van de avond hebben gekregen. Pascal was begonnen met zijn gebruikelijke b3 opening en had wel wat druk op de zwarte stelling, maar Ron de Vink verdedigde prima. Ron was duidelijk tevreden met remise, en kondigde dat dan ook meermaals aan in de partij. Ik denk niet dat ik ooit zo vaak het woord ‘remise’ heb gehoord in één partij! Gelukkig leek Pascal het niet te horen, hij speelde rustig door. Ik hield met een schuin oog de partij van Pascal in de gaten, maar toen er op een gegeven moment een toreneindspel verscheen, vroeg ik mij af of Ron niet toch gelijk had met zijn vredesonderhandelingen. Pascal was het er niet mee eens en won toch.
Ondertussen had Marc zoveel chaos gecreëerd dat de andere Marc het spoor bijster raakte, en de partij zelfs nog verloor! Ongelofelijk hoe Helder het altijd weer voor elkaar krijgt…
Zoals verwacht had Lukas zijn partij wel verloren, maar in mijn hoofd zou Wouter ook nog wel minstens remise spelen. Dus toen ik vroeg aan David wat de stand was, viel het antwoord “je moet winnen” toch wel rauw op mijn dak.
Want vrijwel de hele partij leek winnen er voor mij niet in te zitten. De partij begon als een behoorlijk saai Damegambiet, waar de balans altijd wel in evenwicht was. Er zaten wel wat opties in die de partij een stuk spannender hadden kunnen maken, maar beide spelers kozen de veilige opties. Helaas voor mijn tegenstander, Frank de Geus, spendeerde hij in het middenspel wel veel tijd aan het beoordelen van een complexe variant. Uiteindelijk ging hij er niet op in, maar het kwaad was al geschied – hij kwam flink achter op de klok. En dat terwijl er een interessant toreneindspel ontstond.
De situatie: wit had een verre vrijpion op de a-lijn, en drie pionnen op de koningsvleugel. Zwart had vier pionnen op de koningsvleugel. Het leek me een tikkeltje beter voor wit, maar ik was er 100% van overtuigd dat ik het remise zou kunnen houden. Maar ja, dat zou ons het kampioenschap kosten… Dus we gaan door.
Echter, toen wit al zijn krachten focuste op het promoveren van zijn vrije a-pion, kon ik mijn slag slaan op de koningsvleugel. Ik zette druk op de witte f-pion. In hevige tijdnood koos wit de zet f4, maar na de breekzet h4 klapte de witte stelling in elkaar. De a-pion kon worden gestopt, en de pionnen op de koningsvleugel vielen als rijpe appels. 3-3!
Het verdiende niet de schoonheidsprijs: onze laatste match was naar mijn idee de slechtste van het hele seizoen. Maar ik denk wel dat we de terechte kampioen zijn in klasse 1A!
